Jaloezie

Schrijven is schrappen. Maar soms is het jammer dat geschrapte stukken geen lezer vinden. Daarom bij deze: wat ‘De Wil Om Te Doden’ niet haalde:

In de universiteit is het een drukte van belang. Het is examentijd en omdat de meeste studenten thuis geen licht hebben, komen ze hier ’s avonds studeren. In de centrale hal staan tientallen ouderwetse houten lessenaars opgesteld voor de examens van de volgende dag. Bijna op ieder bankje ligt iemand te slapen. Aan het plafond hangen honderden vleermuizen, wat het gebouw een griezelige sfeer geeft. In een klein hok waar een half vergaan schoolbord aan de muur hangt, leg ik een groep van tien studenten uit wat solvabiliteit en rentabiliteit is. Ze hebben morgen examen bedrijfseconomie, waarvoor ze eigenlijk nooit les hebben gekregen. De meeste examenvraagstukken hebben ze zelf weten uit te vogelen, maar dit was net iets te moeilijk. Ik doe mijn uiterste best om de les zo makkelijk en aantrekkelijk mogelijk te houden, maar als blijkt dat geen van de studenten weet wat een percentage is, zakt de moed me in de schoenen.

Tot drie uur ‘s nachts breng ik een steeds groter wordende groep studenten de basisbeginselen van algebra bij. Ze pakken het allemaal verrassend snel op. Emmanuel is mijn ijverigste leerling en hij probeert me het zo comfortabel mogelijk te maken. Zodra de zweetdruppels in mijn nek staan, komt hij met een doekje aanzetten en gebiedt hij één van de jongens op de voorste rij om me wat koelte toe te waaieren. Het is een interessante nacht. Ik ben verbaasd over het niveau waarop aan deze universiteit les wordt gegeven. Aan de ene kant hebben de studenten een ontzettend vol pakket, met de meest ingewikkelde vakken en theorieën, zoals je dat op een universiteit zou verwachten, maar aan de andere kant moeten ze sommige hele simpele dingen nog leren. En het is mij daarnaast een raadsel waarom studenten geografie en linguïstiek  een examen in bedrijfseconomie moeten afleggen. Er zit totaal geen logica in. Maar ze moeten dit examen succesvol afleggen. Als je zakt, moet je een behoorlijk bedrag neertellen voor het herexamen, en zonder voldoende haal je je jaar gewoon niet. Het is bijna een val. Als je geen les krijgt, en toch een examen moet afleggen, waarover nauwelijks informatie te vinden is in het land, weet je bijna zeker dat je herexamen moet doen. Het is business.

Om te voorkomen dat de docent slapend rijk wordt aan deze studenten, doe ik extra hard mijn best ze zo goed mogelijk op hun examen voor te bereiden. Om een uur of vier heb ik eindelijk alle onderwerpen behandeld, en val ik bijna om van de slaap. Gelukkig mag ik naar huis, waar ik een paar uurtjes kan slapen voordat mijn eigen drukke programma weer begint. Samen met Lansana loop ik terug naar de YMCA. Pademba Road is ’s nachts afgesloten, omdat de gevangenis aan die weg ligt, en men na de bestorming op de gevangenis tijdens de oorlog nog steeds bang is dat de gevangenis kan worden aangevallen. We moeten door een paar ongure wijken, waar een hoop gespuis rondhangt. Lansana wil toch een stuk over Pademba Road lopen omdat de buurt niet veilig is, maar zodra we één teen op het trottoir van Pademba Road zetten, worden we weggejaagd door de politie. Lansana gaat tekeer tegen één van de agenten. Het machtsvertoon dat de man tentoonspreidt, schiet bij hem in het verkeerde keelgat. Het is me al vaker opgevallen, de politie heeft nauwelijks autoritair gezag in Freetown. De mensen in deze stad houden niet van dat soort vertoon en al zeker niet van een politieagent, waar eigenlijk niemand respect voor heeft. Iedereen kan politieagent worden, en de positie wordt niet hoog gewaardeerd op de sociale ladder.

Ik trek Lansana mee terug de woonwijk in. Ik heb geen idee hoe de agent zal reageren en ik wil het ook niet afwachten. Ik heb geen paspoort bij me, ik heb geen geld om de man af te kopen als hij vervelend wil doen en daarbij wil ik toch echt graag in mijn eigen bed slapen vannacht. Lansana neemt het me kwalijk.
‘In dit land kan je niet zomaar over je heen laten lopen,’ zegt hij bits.
‘Dat kan wel zijn Lansana,’ antwoord ik geïrriteerd, ‘maar ik wil slapen. Ik heb echt geen zin in nog een discussie, die hebben we vandaag wel genoeg van gehad.’
‘Ja je bent moe hè,’ bijt hij me toe. ‘Dan had je maar niet de hele nacht bijles moeten geven.’
Ik kan mijn oren niet geloven. Ik heb de bijles gegeven aan zíjn klasgenoten, op zíjn verzoek, en nu verwijt hij me dat ik er gehoor aan heb gegeven?
‘Je deed het niet voor mij, je deed het voor Emmanuel!’ roept hij uit.
‘Voor Emmanuel?’ vraag ik verbaasd. ‘Hoe kom je daar nou bij?’
‘Omdat Emmanuel je wel tien keer heeft gebeld vanavond en omdat je hem steeds als voorbeeld nam in je les. Je deed het voor Emmanuel, dat weet ik heus wel, ik ben niet achterlijk!’
Jaloezie. Alweer. Lansana vertrouwt me nog steeds niet, en dat begint me aardig te irriteren.
‘Prima Lansana,’zeg ik. ‘Wat jij wil. Ik deed het voor Emmanuel. Ik geef toe. Je hebt me door. Dan kan ik je nu ook wel vertellen dat ik stiekeme trouwplannen met hem heb en dat we binnenkort samen weglopen.’
Lansana staat abrupt stil en kijkt me kwaad aan. Het moment is absoluut niet grappig, maar ik kan er niets aan doen, ik krijg een enorme lachaanval. Het is eigenlijk te hilarisch voor woorden. Gelukkig heeft Lansana gevoel voor humor.
‘Sorry,’ zegt hij.
‘Zo’n mager excuus kan ik niet meer aanvaarden,’ zeg ik lachend. ‘Je begrijpt wel dat je nu voor ieder klein wissewasje op je knieën moet hè!’
‘Niet midden op straat,’ zegt Lansana. ‘Daar weet ik wel een beter plekje voor.’ Hij pakt mijn hand vast. Zwijgend lopen we naar de YMCA.

3 Responses to Jaloezie

  • Beste Gin,
    Ik meen dat verhaal al eens te hebben gelezen, kan dit? Wat ik me toen al afvroeg… wat voor universiteit is dat daar eigenlijk? Ze moeten het verschil kennen tussen solvabiliteit en rentabiliteit, maar ze weten niet eens wat een percentage is. Bij ons in België geraak je dan niet eens binnen in de middelbare school, laat staan dat ze je zouden toelaten aan de universiteit.
    Ik heb hier lang niet meer gelezen. Ik weet dus niet hoe het met je is gesteld. Hoe is het met je kind? Hoe zit het met je relatie? Ik ga nu wat grasduinen in je oudere logjes.
    Met vriendelijke groeten,
    De Drs.

  • Gin says:

    Beste DRS,

    Mijn excuses voor de belachelijk late reactie. Ik had problemen met mijn verbinding. Vandaar. Met mijn dochter gaat het uitstekend. Ze is vorige week vrijdag 1 jaar geworden en doet flink haar best een peuter te worden. Ik hou haar graag nog even baby, daar worden we het dus niet over eens.

    GIn

  • Ah zo… ;-)

Leave a Reply

Connect with:

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Spam protection by WP Captcha-Free

Gin is antropoloog en schrijfster van de boeken De Wil Om Te Doden, Moordjongens en Ana.


Onderwerpen

Mijn archief

Oudere archieven

Nieuwe blogs per email