Ik irriteer me wel vaker aan de oppervlakkigheid die ik bij menig medemens constateer. Niets nieuws onder de zon. Programma’s als RTL Boulevard waar de meest absurde weetjes en discussies over volslagen niets-onderwerpen op prime time worden uitgezonden, doen het bij mij bijzonder slecht. Eerlijk gezegd moet ik nog steeds bijkomen van de schock die ik kreeg toen ik een jaar geleden eens las wat voor hoge kijkdichtheid dit soort hersenloze programma’s hebben. De wereld van glitter & glamour laat mij persoonlijk meer dan koud, maar ik ben in dat opzicht een eenzame ziel aan het worden. De kuren van Paris Hilton zijn zelfs mij bekend, terwijl ik toch mijn uiterste best doe dat soort informatie met alle dovemans instrumentarium die ik tot mijn beschikking heb, te ontlopen.
Nu moet ik eerlijk toegeven dat Paris Hilton wat dat betreft nog iets interessants te bieden heeft. Een discussie over normen en waarden, de grenzen van seksuele moraal en inhoudsloosheid kunnen goed over haar gewillige rug gevoerd worden, maar wat de kont van Cameron Diaz de wereld nou te bieden heeft, is me echt één groot mysterie. Hoe ik verstrikt ben geraakt in een bericht over de volle-kont wens van Cameron Diaz kan ik u niet navertellen. Het gebeurde gewoon. Misschien komt het door een verborgen Freudiaanse kronkel in mijn hersens, omdat ik zelf ook altijd een vollere kont heb gewild en mijn vingers stuurloos mijn Freudiaanse brein achterna gaan in mijn surfgedrag. Maar het kan even goed zo zijn dat dit nieuwsbericht op een prominente plaats op mijn persoonlijke Google pagina terecht kwam, terwijl ik Google toch expliciet heb geboden mijn voorkeurspagina vrij te houden van berichten over konten, schoonheid, beroemdheden en ander zaagsel.
Goed, Cameron Diaz zou dus dolgraag een vollere kont willen. Sterker nog, ze wil een grote, vlezige, voloptueuze bips. Zoals die van Jennifer Lopez bijvoorbeeld. Of die van Beyonce. Volgens Camoron Diaz is dat de vloek van iedere vrouw; een ander figuur en een ander lichaam te willen hebben. En dat zette me aan het denken. Want ja, ik dacht bij het lezen van Cameron’s volle kont fetish natuurlijk meteen aan mijn eigen platte achterwerk. En aan mijn quasi-grappige konthumor die mijn gesprekken op de dagen rond de ‘het-kopen-van-de-perfecte-spijkerbroek-die-ik-toch-nooit-kan-vinden’ fenomeen overheersen. Bij mij speelt het dus ook, dat soort rete-onzinnige onzin. En dat terwijl ik toch echt heel tevreden ben met mijn lichaam.
Op de 9-kilo-aangekomen-in-twee-maanden-tijd vetrolletjes die mijn garderobe ontsieren na dan. En op mijn platte zitvlak na. En soms zou ik best grotere borsten willen hebben. Niet altijd, ben je gek! Als ik voor de tigste keer in een week tijd naar de bus moet rennen dank ik God op mijn blote knieën (die trouwens aardig blubberig beginnen te worden) dat ik gezegend ben met niet-wiebelende erwtjes. Maar verder ben ik dik tevreden. Ik realiseer me achteraf namelijk altijd dat ik de enige ben die die puistjes als hét prominente kenmerk aan mijn gezicht beschouwde een paar dagen lang. En ik weet ook heus wel dat mijn beginnende cellulitis niets afdoet aan mijn kwaliteiten als mens. En in principe geef ik niet veel om uiterlijkheden. Behalve op de momenten dat ik mezelf kritisch onder de loep neem in de spiegel. Iedere ochtend.
Het bericht dat Cameron Diaz ook ontevreden is over haar kont, zou mij dus moeten geruststellen. Ik ben niet alleen. Ik heb een lotgenote. En wat voor één. Ik kan eindelijk met opgeheven hoofd en platgeperste billen over straat. Cameron Diaz doet dat immers ook. Dat berichtjes als deze de plaats innemen van andere problemen op deze wereld -bijvoorbeeld over hongersnood, droogten, oorlogen, onrecht, ongeluk en dergelijk oervervelend nieuws- mag dan even geen naam hebben. Rond te moeten lopen met een oppervlakkige kont is toch heel wat vervelender blijkbaar. Go figure…
Meer uit mijn oude dagboeken vind je op The Vault
Na jaren onzichtbaar te zijn gebleven voor de God van de Christenen, is het dan toch gebeurd: God heeft me gevonden. En God alle Jezus nog aan toe, wat gaat het er bij die ‘man’ agressief aan toe zeg. Niet op het fysieke vlak, de voet tussen deur heb ik nog niet gehad. Maar ik hoef maar een teen buiten de deur te steken en hij heeft al hel en verdoemenis over me uitgestort. Kijk, Jehova’s vind ik ook irritant, maar daar kan je nog mee in discussie gaan (klik). En daarbij komen Jehova’s je liefde brengen, tot aan de voordeur. En dat is toch fijn. Je eerste introductie met de god van de Jehova’s zou in theorie dus in ieder geval niet vervelend hoeven te zijn. Wat die Jehova allemaal met je doet op het moment dat je bij de Wachttoren binnen bent doet dan even niet ter zake. Jehova is op het eerste gezicht geen onaantrekkelijke god, laten we het daar even op houden. De God van de Christenen daarentegen schijnt me vanuit zijn hemelgewelf te hebben gesignaleerd als zondares, en dat is best griezelig. Van alle kanten stuurt God kleine hulp-Godjes en Jezusfiguren op me af om me te laten boeten voor mijn zonden. Het is goddank nog niet te laat voor mij, maar daar is dan ook alles mee gezegd. Want boeten zal ik, Gods helpers op aarde hebben zich daartoe als een pitbull in me vastgebeten.
Verscholen tussen een dichte massa van winkelend publiek met een emotionele bui van Hier tot aan de Hel weten de rechtschapen verkondigers van het woord me nog te vinden, me een flyer in mijn hand te drukken waaruit blijkt dat God ziet dat ik af en toe wel een borreltje lust. En ja, ik geef toe, ik heb in mijn leven wisselende seksuele contacten buiten het huwelijk gehad, maar om me nou meteen als publieke vrouw af te schilderen? Op het Centraal Station in Amsterdam weet één van de hoofdpieten van God me te vertellen dat God ook van mij houdt, heus waar, maar dat ik zo barstensvol zonden zit, dat ik niet zomaar eventjes een enkeltje naar de Hemel zal mogen boeken als de tijd daar is. Nu net aan de voordeur vertelt een wel hele witte hulp-God me dat God me in de gaten houdt, God ziet namelijk alles. Dat ik mijn zonden dan mét condoom heb begaan kan God echt helemaal niets schelen. Ik zal branden in de Hel als ik zo doorga. En eerlijk gezegd vind ik dat best angstaanjagend. Met slaperige oogjes en een hele sterke wil die nog op bed ligt, ben ik dan bijna gezwicht en heb ik mijn zonden op een haar na luid schreeuwend over straat uitgestort. Maar Goddank is mijn bijdehante en recalcitrante innerlijke Duiveltje altijd wakker en kon ik het niet nalaten te vragen of ik het niet goed kon maken met God door vanavond braaf een winterpeen voor het paard in mijn schoen te leggen. De verbouwereerde hulp-God aan de deur stelde me daarop een eeuwig branden in het Vagevuur voor. "Nee bedankt meneer," antwoordde ik. "Dan geloof ik liever in Sinterklaas. Dan is een pak zout het ergste wat ik kan verwachten. Als ik me niet gedraag krijg ik geen urenlange preken, maar hooguit een pepernoot in mijn oog, die daarna gewoon nog eetbaar is ook. Door een stel goedgevormde, lenige pieten ontvoerd te worden naar Spanje lijkt me alleen maar een prettig vooruitzicht. En op de kastijding kan ik me in dat opzicht alleen maar verheugen."
Dus Beste God, de volgende keer als U denkt dat ik nu eenzaam en kwetsbaar genoeg ben om tot Uw kudde volgzame schaapjes te worden toegevoegd, zou ik eerst eens een goede marketingadviseur in de hand nemen. Mijn zieltje is blijkbaar absoluut te winnen in ruil voor een Dardabaan, of een Playmobil kasteel. Of een Márklin trein. Een racebaan. Een mini-pooltafel. Een skippybal. Of rolschaatsen. Afijn, u krijgt het plaatje. Als U alleen maar die vermaledijde Hel in de aanbieding blijft gooien laat u dus kansen liggen, en dat is toch eeuwig Zonde!
U zei: