filosofisch

Page 2 of 212

De ware

Gelooft u in de ware liefde? Ik niet. Ik vertel er direct bij dat ik net een ‘langdurige’ relatie achter de rug heb. Dan kunt u mij misschien wegstoppen onder het kopje gedesillusioneerde cynicus. Bent u er nog? Mooi. Dan twijfelt u waarschijnlijk.

Als we het volstrekt nuchter bekijken is ‘de ware’ liefde bij voorbaat al onzin. Stel u woont in Persingen, een dorp met 98 inwoners, en u zet verder nooit een stap in de wijde wereld, dan moet u uw ware liefde dus vinden tussen het aantal beschikbare, vruchtbare mannen of vrouwen van die 98 inwoners. Het moet welhaast op een wonder berusten dat het u lukt ‘de ware’ daar tegen te komen. Er zijn natuurlijk mensen die niet geloven in toeval en beweren dat je met vooropgezette plannen van één of andere entiteit dan toch dicht bij elkaar geboren wordt. Maar daar moet je wel heel desparaat voor zijn, om dat te geloven. Op een wereldbevolking van bijna 7 miljard mensen is het dan ook heel erg bijzonder dat u uw ware liefde in uw stamkroeg ontmoet, of in de buurtsuper, of op uw werk. Op vakantie dan? Ach er zijn duizenden bestemmingen die u had kunnen kiezen, de ander ook. Of wilt u het dan toch op voorbestemming gooien?

De ware is dan ook eerder een metafoor voor een streven of een verlangen een bepaalde vorm van liefde te vinden die alles overstijgt. Helaas is het ook maar al te vaak een excuus, want na de zoveelste verbroken relatie verzuchten we makkelijk dat hij of zij de ware niet geweest zal zijn. Alweer niet. Ergens op deze aarde loopt iemand die u wel volledig zal begrijpen, die u neemt zoals u bent, die onvoorwaardelijk van u houdt en die u iedere dag weer in vuur en vlam kan zetten. Kunstenaars, musici, schrijvers, filosofen en zelfs wetenschappers houden zich al eeuwen bezig met dit utopische fenomeen. Want een utopie, dat blijft het (vrijwel) altijd. Vrijwel tussen haakjes uiteraard, want er zullen altijd mensen zijn die beweren dat ze het gevonden hebben.

Ik zie het geloof in de ware liefde meer als onvermogen om met de dagelijkse werkelijkheid om te gaan. De dagelijkse werkelijkheid is namelijk dat u moet werken voor de kost, never genoeg geld en tijd zult hebben alle potentiële partners ter wereld tegen elkaar af te wegen, en dat partners nu eenmaal een eigen persoonlijkheid hebben. Persoonlijkheden worden gevormd door omstandigheden, tussen uw relatie staat het leven, het is maar net hoe u er mee om gaat. En hoe u met elkaar kunt meegroeien. Partners die helemaal in elkaar opgaan, slokken elkaar vaak helemaal op. Grote kans dat één van de twee, of allebei, zoveel moet geven dat zijn eigen persoonlijkheid verloren gaat. Na een aantal jaar komt zijn of haar ware aard boven. En dat wordt negatief geïnterpreteerd. Het is fantastisch als u allebei op hetzelfde moment, op dezelfde manier romantisch bent. Maar hoe vaak komt het voor dat u tegelijkertijd moet poepen? Ook vrijwel nooit. Zo werkt dat ook met romantiek. En zo werkt dat ook met de liefde. Beide partners geven hun eigen inbreng aan een relatie, die past bij de omstandigheden van ieders leven.

Als de tandjes door komen bijvoorbeeld, vliegt de romantiek de deur uit. Zij wordt een zeurderige dikkerd, hij geeft nooit genoeg aandacht aan de kinderen. Mocht hij bij aanvang van de relatie nog naar andere vrouwen kijken, na het tweede kind niet meer. Zij wordt daar onzeker van. Heeft hij soms niet genoeg aan haar? Zij is constant op dieet, hij eet teveel en is bovendien niet aardig genoeg tegen haar moeder. Met argusogen wordt naar het alcoholgebruik van de partner gekeken, masturberen is hoogverraad en pornofilms zijn voor gefrustreerde mannetjes. Het bloemetje dat eerst zo werd gewaardeerd is nu een vereiste geworden. U hoort het haar zeggen tegen haar moeder: "En hij heeft ook al jaren geen bloemetje meer voor me meegenomen." Vond zij het vroeger leuk als hij hele gedichten uit zijn kont kon opzeggen, na de zoveelste scheet in het openbaar kan ze geen enkel lichaamsgeluid meer verdragen.

Die ontnuchtering ook, als onze droompartner blijkt een schetend en boerend monster te zijn. De afknapper. Alle inkomsten worden uitgegeven aan het droomkasteel, met bijbehorende droomauto, waardoor er geen geld overblijft voor de kapper of een lippenstiftje. Was zij ooit zijn lustobject, op een gegeven moment vindt hij het haar taak zijn pisspetters van de WC tegels af te schrobben. Seks gebeurt steeds vaker in bed, als het licht allang uit is, en beiden te moe zijn om nog actief te bewegen. En ach jee, zij blijkt hem ook nog eens veel beter te kennen dan hij zichzelf kent. Zij bepaalt wat hij nodig heeft. En hij is te lui geworden om zich daar tegen te verzetten.

Samengevat: Het leven is niet romantisch. Partners zijn mensen. En mensen zijn niet romantisch, niet 24 uur per dag. Partners veranderen ook. En partners moeten die ruimte krijgen. Als men uiteindelijk niet meer bij elkaar past, dan is het tijd om los te laten. Kunnen we dan niet accepteren dat deze partner ooit onze Grote Liefde was, maar dat het nu tijd is voor een nieuwe Grote Liefde, of even een kleine liefde tussendoor? Dat de Grote Liefde gewoon scheten laat, uitzet na het kinderen krijgen, moe uit zijn werk thuiskomt en kan veranderen? En dat romantiek niet altijd mogelijk is, dat iemand die zegt u volledig te begrijpen liegt dat hij barst? Is het niet veel romantischer te geloven dat er meerdere Grote Liefdes zijn, waar u verschillende dingen uit haalt, die passen bij bepaalde levensfasen, en die gewoon zichzelf mogen zijn, en dat dat het is wat een partner uiteindelijk interessant maakt? Het idee dat u bij elkaar MAG zijn de rest van uw levens, maar dat het niet HOEFT?

Webloggers

 

‘Webloggen is een ware rage,’ las ik ergens. En inderdaad, webloggen is populair. Steeds meer bekende Nederlanders en politici houden een weblog bij, maar ook steeds meer ‘gewone’ mensen zetten hun dagelijkse belevenissen op internet. Een weblog is snel en makkelijk, het kost minder moeite dan het bouwen en bijhouden van een eigen website, en in de meeste gevallen is het nog gratis ook.

Maar waarom zou je je dagelijkse belevenissen eigenlijk op internet willen zetten? Wat zijn dat eigenlijk voor mensen die denken dat de rest van de wereld zit te wachten op hun verhaaltjes? Hoewel ik zelf graag log, vraag ik me toch af of we niet gewoon een stelletje idioten zijn, die werkelijk niets beters te doen hebben dan webloggen. Is er met ieder van ons misschien iets ‘mis’ in een bepaald opzicht?

Misschien bevinden we ons onder de eenzamen der bevolking. Misschien zijn we verbaal zo slecht vaardig, dat dit de enige manier is om ons zegje te doen. Of misschien zijn we allemaal sociale mislukkelingen, ieder op zijn eigen manier. Bestaat het volk der webloggers misschien uit een heel stel mislukte schrijvertjes die wanhopig aandacht zoeken voor hun misbaksels? Of zijn we gewoon verkapte chatters, die het in een gewone chatbox niet kunnen vinden omdat we daar het hoogste woord zouden voeren en er binnen de kortste keren uitgekickt zouden worden? Misschien vinden we onszelf wel te goed voor een gewone chatbox, kijken we daar op neer, maar intussen chatten we er zelf ook lustig op los.

Eenmaal in de wereld van het webloggen gezogen, kom je er nauwelijks nog uit. Als een stel junkies struinen we de ene na de andere weblog af, verslaafd aan de zieleroerselen van anderen, klaar om onze mening te spuien over morele dilemma’s waarin we ons als persoonlijkheid kunnen profileren. Of we weten niet hoe hard we moeten lopen om ons medeleven te betuigen wanneer een medeweblogger zich niet lekker in zijn vel voelt. Prachtig fenomeen.

Webloggen is betrokkenheid. Misschien wel meer dan in het ‘echte leven’ want zeg nou eens eerlijk, hoeveel mensen in je directe omgeving zijn er, waar je niet op kunt wachten om hun verhalen aan te horen. Hoeveel mensen bel je iedere dag in alle vroegte om te weten te komen wat hij heeft meegemaakt de avond ervoor. Wat hij gedroomd heeft. Wat hij heeft gegeten. En hoeveel mensen bel je iedere avond af om ze weltrusten te wensen. Want ook die logs bestaan natuurlijk.

Vinden we bij medeloggers raakvlakken die we in het echte leven niet kunnen vinden? Of hebben we het idee dat we zo nauw bij ze betrokken zijn omdat we ze in sommige gevallen intiem leren kennen? En degenen die we niet intiem leren kennen, daar blijven we benieuwd naar. Steekspelletjes om meer over elkaar te weten te komen. Uit de tent lokken. We raken niet alleen verslaafd aan onze eigen log, maar ook aan onze medeloggers.

Maar het meest ironische aspect is en blijft de anonimiteit achter dit alles. De meeste webloggers zijn volstrekt anoniem, sommigen laten iets meer van zichzelf zien, maar er zijn er maar weinig die we in het echte leven ergens zouden kunnen lokaliseren. En die anonimiteit intrigeert mij. Want waarom laten we in alle anonimiteit in sommige gevallen ons meest rare gedachten aan anderen zien, durven we te experimenteren met onze creativiteit, en durven we iemand te zijn, die velen van ons in werkelijkheid niet zijn. Of niet helemaal? Persoonlijk ben ik op mijn log precies hetzelfde als in het echte leven. Maar ik lees het vaker; ‘IRL zou ik dat nooit zeggen/doen’. Wie zijn dat dan eigenlijk die webloggers? Een stel idioten met een schijnpersoonlijkheid, of gewone mensen die er een ongewone hobby op na houden? De bal ligt op de stip!

Page 2 of 212
Gin is antropoloog en schrijfster van de boeken De Wil Om Te Doden, Moordjongens en Ana.


Onderwerpen

Mijn archief

Oudere archieven

Nieuwe blogs per email